De Druiven Jagers in Chili deel 3: alle deuren openen zich voor ons

We zijn uitgenodigd bij collega wijnboer meneer Cardoen ter gelegenheid voor het slaan van de eerste steen van zijn nieuwe wijnmuseum. Op weg naar het feest dreigen we bijna een fuik in te rijden maar Luiz trekt 50 meter voor de controle aan het stuur en maakt een linksomkeer. ‘No licence’, zegt ‘ie; kennelijk is zijn rijbewijs al enkele jaren verlopen.

We nemen een sluiproute door de wijngaarden en ontsnappen ternauwernood aan een ongeluk. Luiz wil een auto inhalen die terwijl we proberen te passeren expres meer gas geeft. De vrachtwagen die ons tegemoet rijdt kunnen we alleen ontwijken door weer terug achter de auto te duiken. Een hoop gescheld in zes verschillende talen volgt en de strekking is uiteindelijk: hij (de idioot in het verkeer) is in zijn familie de eerste generatie mét een auto en Luiz is de eerste zónder chauffeur. Een schaterlach volgt. 

We arriveren veel te laat. Bij de ingang worden onze namen gecheckt door mannen met oortjes, we mogen doorrijden. De speeches zijn al begonnen en we zijn net op tijd voor die van de president van Chili. Ze wordt omringd door bodyguards. We zullen haar later tijdens de lunch ontmoeten, geven haar een knipoog en krijgen een vriendelijke lach terug. Daar blijft het bij.

We arriveren op het feest van Cardoen

We arriveren op het feest van Cardoen

Luiz, Dido en een journalist druk in gesprek op het feest van Cardoen

Luiz, Dido en een journalist druk in gesprek op het feest van Cardoen

Tijdens de lunch vermaken we ons uitstekend, want Luiz maakt iedere tafel aan het lachen. Hij is een natuurlijke bindende factor. We kunnen het met name goed vinden met de vrouw van Cardoen en met haar zus die televisieprogramma’s op de Chileense televisie presenteert. Beiden trouwens ook waanzinnige verschijningen van vrouwen! De volgende dag belt Cardoen Luiz persoonlijk op om te zeggen dat ‘ie ons zo leuk vond. Het moet niet veel gekker worden.

We maken een hoop mee en de ene situatie lijkt de andere te overstijgen. Zo hebben we het weekend erop een feest in Santiago bij David (ook wel Gayvid genoemd), een goede vriend van Luiz. We wisten dat hij nogal van mannen hield, maar niet dat Dido de enige vrouw op zijn feestje zou zijn. Of dat Jur de enige heteroman zou zijn. Naast dat Jur het doelwit was van meerdere geile mannen heeft hij ook een aantal zeer interessante diplomaten ontmoet. Dido heeft gedanst met zes jongens op muziek van de Spice Girls; ze kenden de tekst beter dan zijzelf. 

Eind mei bezoeken we Roberto, de levenspartner van Luiz die woont in Lima, Peru. Roberto is daar de ambassadeur van Chili. Hij is een gerespecteerd man en heeft zich al meer dan eens bewezen voor zijn land (zo was hij eerder al ambassadeur in Canada en Maleisië). Er heerst al 160 jaar spanning tussen Chili en Peru, vanwege de Chileense annexatie van een stuk land waar nu veel geld wordt gewonnen uit goud- en kopermijnen (door voornamelijk Canadese bedrijven). Door die frictie is Peru voor Chili het belangrijkste land om te vriend te houden. Roberto is daarmee altijd een doelwit. Hij wordt om die reden altijd bewaakt door zijn bodyguards met steun van extra politie-eenheden. Roberto is een charmante man met een warme persoonlijkheid: een man met charisma en veel humor. Hij vindt het verschrikkelijk om altijd omringd te worden door beveiliging maar het kan niet anders. Hij heeft wel een hecht team weten te creëren waarmee hij dit bizarre leven zo persoonlijk mogelijk probeert te maken.

 We slapen in zijn prachtige paleis dat bewaakt wordt door mannen met machinegeweren. Erg spannend allemaal. De volgende dag gaan we shoppen, en we worden gebracht door een chauffeur en krijgen zelfs een bodyguard mee. In de auto klinkt Get Up van James Brown en we vragen of het volume lekker hoog mag - dat kan - en we zweven door Lima. Behoorlijk surrealistisch allemaal. Wanneer we met Roberto gaan lunchen sluit ook de volgauto aan met daarin nog vier extra agenten. De agenten bespelen de sirene met lichte piepjes waar ze het verkeer mee regelen en zorgen dat alle auto’s voor ons wijken. We komen aan bij één van de populairste restaurants van Lima, La Mar, en er staat een rij tot buiten. We lopen langs de hele rij en er is direct een tafeltje voor ons beschikbaar. Dit leven heeft zo z’n voordelen.

De deur wordt voor dido opgehouden door de chauffeur en bodyguard  van roberto

De deur wordt voor dido opgehouden door de chauffeur en bodyguard  van roberto

lunch in la mar 

lunch in la mar 

De volgende dag mogen we mee naar het meest belangrijke paardenfestival van Peru, bekend om het hoogste niveau dressuur in Zuid Amerika. Omringd door beveiliging in burger lopen we het terrein op en worden we langs alle passages geloodst tot dat we in het VIP-gedeelte arriveren. Mensen van de organisatie hebben niet eens tijd om ons een halt toe te roepen want er staan direct een aantal agenten tussen. In de VIP-lounge gaan dienbladen rond met whisky, bier en pisco sour. Het is 12.30, maar vooruit! 

Op de terugweg rijden we door de arme buitenwijken van Lima. Lima is een woestijn en in het zand staan eindeloos veel onafgebouwde huizen. Je kunt je voorstellen dat een aardbeving deze hele wijk wegvaagt. Dit schept een groot contrast met de mooie wijk waar wij wonen in Lima, waar de huizen zeer stevig zijn gebouwd en luxe in overvloed is. 

onderweg met escort

onderweg met escort

de winnaar van dit jaar doet een eren rondje achter de coulissen

de winnaar van dit jaar doet een eren rondje achter de coulissen

we halen zelfs de krant 'el Comercio', de grootste in peru! 

we halen zelfs de krant 'el Comercio', de grootste in peru! 

We hebben veel geleerd van onze tijd in Chili; onder andere hoe we NIET wijn willen maken. We wilden per se een groot wijnbedrijf meemaken, om te zien hoe op een commerciële manier wijn geproduceerd kan worden. Dit is een belangrijk aspect, omdat we voorheen alleen op kleine wijnboerderijen gewerkt hebben. Dat het zo onpersoonlijk zou zijn, zoals bij François Lurton (maar dit was nog een kleine speler in de overvloed van gigantische producent in Chili), waar wijn via protocollen gemaakt zou worden, hadden we niet in deze (kille) mate verwacht. Door dit te hebben ervaren weten we dat het niks voor ons is. Wijn is geen product dat via schema’s gemaakt kan worden: wijn is een product dat liefde en aandacht vereist. De stokken verdienen een luisterend oor. Het is geen toeval dat we uitgerekend bij Luiz in Santa Ana beland zijn. Hier vonden we iemand met dezelfde filosofie, voor wie wijn ook meer is dan gewoon een commodity. Het is een liefde. 

Luiz & Dido, stampend in een houten foudre. 

Luiz & Dido, stampend in een houten foudre. 

Dido nog steeds stampend op druiven. 

Dido nog steeds stampend op druiven. 

de nieuwe fundering voor de slaapkamer van luiz. Slapen op herinneringen!  

de nieuwe fundering voor de slaapkamer van luiz. Slapen op herinneringen!  

vrienden voor het leven

vrienden voor het leven

 

RAMSES. Onze eerste eigen wijn.

De witte gedeukte Renault Kangoo stuift over de zandweg. René zet zijn vintage Carrera zonnebril op en knalt zonder bij te sturen door alle kuilen heen. We zijn op pad. We rijden van wijngaard naar wijngaard en proeven zo veel mogelijk druiven. Zijn mooiste project ligt bij La Figuera op 600 meter hoogte. We stoppen naast een klif en honderden meters onder ons zien we de Priorat liggen. Al genietend van het prachtige uitzicht roept René ons: hij staat naast een pruimenboom midden tussen de ranken. Hij gooit ons ieder een pruim aan,  de sappigste die we ooit geproefd hebben. We laden onze zakken vol en maken later die dag de lekkerste pruimenjam.

In principe wordt alles bij de familie Barbier geplukt op smaak. Slecht twee of drie laboratorium samples glippen er tussendoor voor de vorm, maar geboren wijnmaker René gaat op in z’n land en neemt beslissingen op gevoel. Het weerbericht speelt daarin een grote rol: is een druif morgen rijp, maar regent het vandaag, dan moet hij kiezen tussen of: nu plukken en een dag rijping missen, of wachten. Het duurt zeker vijf dagen voordat het regenwater is verdampt, dat tegelijkertijd ook een andere rijping bewerkstelligt.

Wat is handig en wat is verstandig? Risico’s worden beloond maar kunnen ook alles verpesten. Na jaren wijn maken word je vanzelf een druif dus dat scheelt; je voelt het aan. Dit is bijzondere kennis waar de wijnmaker zich mee kan onderscheiden. Je kunt technisch perfect wijn maken maar karakter krijg je alleen door het er op te wagen. René is de rust zelve en neemt uitgebreid de tijd voor zijn druiven. Het is een ‘bourgondiër’, een levensgenieter en een goeie kok met een uitstekende neus! Hij heeft weinig stress, dat terug te proeven valt in zijn wijn: alles gaat soepel.

Gedurende ons verblijf waren we van plan een eigen wijn te maken. Nogal nerveus of dit wel kon vroegen we René voorzichtig wat hij hier van vond. Hij vond het geen enkel probleem en zei zelfs: ‘regel het maar en zeg me wat je nodig hebt’. Lekker ontspannen. De ‘cellar master’ van Venus La Universal is Marc; een hele lieve Catalaanse jongen die alle processen in de bodega nauwkeurig bijhoudt en controleert. Gedurende het hele jaar is hij in touw om de wijn van Venus op te voeden. Zijn ouders blijken zelf al decennia druiven te verbouwen, maar verkopen dit nog altijd aan de grote coöperatief in Falset, het grootste dorp in de Priorat.

Tijdens de slechte tijden van Priorat/Montsant halverwege de vorige eeuw kon bijna geen enkele wijnboer zijn hoofd boven water houden. Toen zijn de coöperatieven in het leven geblazen. Een plaats waar iedere boer zijn druiven kwijt kan tegen een redelijke prijs. De coöperatief maakte de wijn en zorgde voor het commerciële plaatje. In het verleden kwamen hier behoorlijke wijnen vandaan. Tegenwoordig is het vaak onpersoonlijke massa productie. Makkelijke wijnen tegen een goede prijs. Omdat de coöperatief in de moeilijke tijden een hand boven het hoofd van veel boeren heeft gehouden zijn veel boeren de coöperatief nog steeds trouw. Dit is in sommige gevallen zonde, want er zijn boeren die druiven produceren van een hoge kwaliteit! Veel meer waard dan een plaatsje in de gigantische molen van de coöperatief waar alles bij elkaar gegooid wordt.

De ouders van Marc gaan binnenkort met pensioen en daarna mag hij besluiten aan wie hij de druiven verkoopt. Zijn droom is om hier zelf kwaliteitswijn van te maken. We zijn gevallen voor het beste plot van de ouders van Marc waar kerngezonde bushvine garnaxta druiven van bijna 30 jaar oud groeien: het waren kleine schattige trosjes met een hoog concentraat van rijp rood fruit, daarbij een dikke schil in verhouding tot het sap, wat voor ons belangrijk was. De schil geeft tijdens de fermentatie (proces waar suiker wordt omgezet naar alcohol) voldoende tannine (polyfenool) om de wijn ruggengraat te geven.

Gelukkig wilden de ouders van Marc wel een uitzondering maken voor de Druivenjagers. We konden 250 kilo van ze afnemen. We waren uitzinnig: we hebben onze eerste druiven ooit gekocht!

We besloten onze 250 kilo relatief vroeg te plukken, zodat de wijn mooi fris wordt en niet te hoog in alcohol. We hebben de druiven eerst een week ‘carbonic’ weggelegd in een ‘bac’ (Catalaans voor bak). Dit houdt in dat we de volledige druiventrossen in een afgesloten ton leggen. Bij deze ‘carbonic’ methode fermenteert de druif zelfstandig van binnen uit en dat geeft een bepaalde elegantie aan de wijn.

Alle druiven hebben we gesorteerd zodat alleen de gezondste druiven in de wijn terecht komen. Dat was een tijdrovende en tevens inefficiënte manier van wijn maken, want met ‘maar’ 250 kilo waren we al twee uur bezig, midden in de nacht, nadat we de wijnen van Venus eerst hadden afgerond. Maar als we dan onze eigen wijn maken, dan doen we dat ook meteen goed.

Om de elegantie en souplesse van deze garnatxa druifjes bij te staan gingen we op zoek naar carinyena en die vonden we op één van de mooiste plots van René, die hij alleen gebruikt voor zijn top wijn Venus. We mochten 125 kilo afnemen, tegen een hogere prijs dan de garnatxa. 

Deze druiven werden later geoogst, omdat carinyena over het algemeen later rijpt en zo een mooie diepe en donkere wijn kan produceren. Na het selecteren van de carinyena druifjes kozen we ervoor ze samen met de garnatxa te ‘kneuzen’ en te ontdoen van de takjes. Hier kozen we voor omdat de garnatxa al rustig anderhalve week aan het fermenteren was, en als we deze rijpe carinyena er bij zouden gooien liepen we het risico om een ‘stuck ferment’ te hebben: de aanwezige gisten schrikken dan zo erg van het geweld van verse suikers dat ze spontaan doodgaan of geen puf meer hebben. Door ze samen te gooien en te kneuzen wordt carinyena meegenomen door de reeds fermenterende garnatxa druiven in het vergistingsproces. En zo geschiedde.

Idealiter zouden we beide druiven afzonderlijk fermenteren, maar dat paste niet. Daarnaast gaat het om kleine hoeveelheden (totaal 300 liter) en dan neem je veel ruimte in beslag in de kelder van een ander. Elke ochtend en avond checkten we het proces van de fermentatie en proefden we Ramses, de naam van onze eerste wijn. Het was zeer interessant zijn geboorte van het begin aan te volgen, langzaam groeiend van zoete suikers tot soepele tannine en fruitsmaken. Hoe langer de schilletjes in contact zijn met het sap, hoe meer tannine de wijn krijgt. Dit ervaar je als een stroef gevoel tussen je tanden en je lippen. Het luistert akelig nauw want tannine kan de wijn meer complexiteit geven, maar tegelijkertijd kan het de wijn ook straf maken.

Toen we de juiste balans hadden gevonden begonnen we met persen. We persen Ramses in een oude ‘basket press’, zo één met van die houten latjes aan de zijkant, onderwijl luisterend naar Ramses Shaffy. Heel klassiek en heel subtiel. Uiteindelijk houden we ongeveer 250 liter wijn over. We slaan 200 liter op in een amfora. Dit is een oude pot van klei, waarin gedurende de Griekse Oudheid ook al wijn in werd gemaakt. De klei is licht poreus en lift naar onze mening de smaak van specifiek de garnaxta mooi op. De overige 50 liter slaan we op in een glazen ‘demi jean’ (zie foto). Dit is een anaerobe (ofwel luchtdichte) omgeving waarin de wijn opgroeit. We voeden beiden wijnen apart op om de proef op de som te nemen. In juni zullen we terugkeren om te proeven en eventueel een deel te blenden. Tot dan rust de wijn gemoedelijk in de kelders van Venus la Universal. 

RAMSES in amfora, slaap lekker!